De Positieflijst van februari 2015 voldoet niet aan de eisen van de Europese regelgeving. Nadat de die Positieflijst werd gepubliceerd, hebben Stichting AAP, Dierenbescherming en de Dierencoalitie geklaagd dat er te weinig soorten worden verboden. Er moest dus een andere systematiek komen om meer soorten te kunnen verbieden.

De onderzoeksleider van de WUR, had al aangegeven dat de methode die AAP c.s. wilden, niet kon. Het zou gewoon betekenen dat door een totaal buitensporige toepassing van het voorzorgsbeginsel alles verboden kan worden. Buiten de onderzoeksleider om zijn AAP, de DB en de Dierencoalitie toen naar Paul Bours, de beleidsambtenaar van EZ, gestapt. Die heeft daarna geprobeerd de onderzoeksleider te intimideren met de stelling dat als EZ wil dat alle soorten waar een "d" in voorkomt op tabel 3 moeten, hij dat met de PEC maar heeft te regelen.

Er is dus tegen alle wettelijke regels in en ondanks verzet daartegen van de onderzoeksleider een nieuwe systematiek gekomen. Deze gaat verder dan alleen de volledige uitholling van het voorzorgsbeginsel. De Staatssecretaris mag zelf bepalen op welke tabel een soort komt, ook als dit afwijkt van wat de PEC en de PAC daarover melden. De bevindingen van de PEC en de visie van de PAC zijn alleen maar een risico-inschatting die de staatssecretaris wel of niet kan overnemen. De PEC en de PAC zijn dan ook vooral bedoeld om de burger, de politiek en de rechter te doen geloven dat het allemaal 'wetenschappelijk onderzocht' is. Met deze nieuwe systematiek wordt nu een komende positieflijst opgesteld. Deze zal dit jaar nog bekend worden gemaakt.

 

Het optreden van EZ is zo absoluut fout dat een actie gerechtvaardigd is. Bij deze actie brengen we alle informatie naar buiten waarmee het voorgaande wordt bewezen. Ook brengen we informatie naar buiten waaruit blijkt dat EZ goed wetenschappelijk onderzoek onmogelijk maakt.

De evaluatie in de PEC van het 'veronderstelde' welzijn van gehouden diersoorten vindt plaats aan de hand van literatuur over andere soorten dan degene die beoordeeld moeten worden omdat er over de soorten zelf geen info is en EZ geen geld wil steken in deugdelijk onderzoek. Er is geen onderzoek beschikbaar over de te beoordelen soorten onder houderij-omstandigheden. Betrokken partijen geven aan dat je met deze informatie hooguit inschattingen kunt geven en veronderstellingen kunt doen. Verboden kun je op dergelijke informatie niet baseren.